Belangenbehartiger versus aansprakelijkheids verzekeraar: 1-1?

Eens in de zoveel tijd schrijven onze collega's blogs over hun vak. Dit keer delen we een blog van Marjolein de Ruiter (Letselschadebehandelaar en Register-Expert).

Na ruim zes jaar als belangenbehartiger voor letselschadeslachtoffers te hebben gewerkt heb ik via Rochewood de overstap gemaakt naar de letselschade afdeling van een verzekeraar. Ofwel de andere kant van het speelveld. Ik krijg nu geregeld de vraag wat nou leuker is. Na ruim een halfjaar aan de WA-kant te hebben gewerkt, is het tijd om die eerste balans op te maken. Voor welk team speel ik liever? Welke plaats in het veld past mij beter? En, is het überhaupt nodig om een keuze te maken? Een verkenning vanuit mijn perspectief. 

Ik neem je een aantal jaren mee terug in de tijd. Stel je een dag voor als belangenbehartiger. Met een eigen bestand middelzwaar- en, later ook, zware letselschadezaken is er werkelijk ‘never a dull moment’. Het kantoor heeft een landelijke dekking en met twee tot vijf bezoeken per week, kent het werk relatief veel reistijd. De bezoeken zijn divers. Van een intake met een slachtoffer of een regelingsgesprek met een schaderegelaar tot een driegesprek met een arbeidsdeskundige. Contact met collega’s is er wel, maar iedereen is veel onderweg en werkt deels thuis. Ik werk dus veel zelfstandig.

De bezoeken moeten ook allemaal tot in de puntjes voorbereid en uitgewerkt worden. Daarnaast wachten mij de dossiers die ter behandeling uit de agenda komen. Tussendoor voer ik veel telefoontjes met cliënten en andere partijen zoals de tegenassuradeur, de zorgverzekeraar, werkgever en de door mij ingeschakelde medisch adviseur. Omdat het kantoor een persoonlijke benadering wil uitdragen, kunnen cliënten ook zonder afspraak langskomen. Er is altijd reuring, veel klantcontact en ik schakel tussen allerlei werkzaamheden. Kortom, allesbehalve saai. 

Deze plaats in het veld vergt veel communicatieve vaardigheden, empathie en geduld. Vaardigheden die mij van nature goed af gaan. Het is prachtig om iemands herstel van begin tot eind te volgen en het vertrouwen te krijgen om iemand bij te mogen staan. Het is anderzijds niet altijd makkelijk er in het proces voor te zorgen dat alle neuzen dezelfde komt op komen te staan, tegelijk met de emoties van de slachtoffers om te gaan en de diverse gesprekken in goede banen te leiden.

Hoe anders beleef ik mijn werkweek en het vak in de rol van letselschadebehandelaar bij een verzekeraar. Ik vind mezelf ineens van 8:30 uur tot 17:00 uur op een kantoor en zit nog net niet de hele dag op dezelfde stoel (ik maak weleens een wandeling). Ik heb de hele dag collega’s om me heen en werk in een kantoortuin. Wat een rumoer en wat moest ik daar enorm aan wennen. Toch begin ik al snel het positieve in te zien. Een hele hoop collega’s om mee te sparren, kennis uit te wisselen en casussen te bespreken. Ook zet ik een plusje achter teamgevoel en de gezelligheid. 

Vakinhoudelijk is werken aan de WA-kant in principe niet anders. Er gelden dezelfde wetten, (spel)regels, richtlijnen en jurisprudentie. De benadering is wel anders. Ik bekijk letselschadezaken immers vanuit het perspectief van de verzekeraar. De dekking en polisvoorwaarden moeten worden gecontroleerd, er is veel aandacht voor de reserves en een dossier bestaat niet alleen uit de schade van het slachtoffer. Ook de schade van de werkgever, zorgverzekeraar, het UWV en Rijkswaterstaat behandel ik. Soms moet een betaalde vergoeding verhaald worden op de eigen verzekerde. In die zin dus ook zeker niet saai.  

Dankzij de structuur van de werkweek ervaar ik meer tijd en ruimte om de vaktechnische diepte in te duiken. Verder is er meer zakelijke afstand en word je ook niet ‘afgeleid’ door de emoties van het slachtoffer. Enerzijds maakt dat een juridische schadebeoordeling puur. Anderzijds is het niet altijd even duidelijk wat voor impact een ongeval heeft op het slachtoffer, terwijl dit wel van belang is. Uitdagend dus!

Welk team past mij nu beter? Daar ben ik eigenlijk nog niet over uit. Voor mij spelen beide teams inhoudelijk hetzelfde spel. Wel zit er verschil in de benadering en de manier waarop je werkt aan letselschadezaken. Ook speelt omgeving voor mij een grote rol. Al met al dus plus- en minpunten. Of dit overigens voor jou dezelfde punten zijn, hangt ervan af wat je prettig vindt aan je werk.

Ik was toe aan iets anders en wilde mijn beeld verbreden. Die behoefte heeft mij nieuwsgierig gemaakt en gemotiveerd deze stap te zetten. Ik merk nu, door aan beide kanten van het veld te staan, ik een bredere visie ontwikkel op het letselschadevak als geheel. Het inspireert, verfrist en zorgt ervoor dat ik mijn identiteit als schaderegelaar kan ontdekken en ontwikkelen. Aanrader? Zeker!

Meer lezen over Marjolein haar ervaringen? Lees dan haar blogs en volg haar op Linkedin!

Werken als Letselschade behandelaar

Collega worden